Uitleg en oefenen

Spelling oefenen voor groep 8

Wil je in groep 8 extra oefenen met spelling en woordenschat? Kies een onderdeel, maak een oefentoets en leer van de uitleg bij je antwoorden. De toetsen sluiten aan op de voorbereiding op de doorstroomtoets.

Spelling oefenen voor de doorstroomtoets

Bij een spellingvraag helpt het om de regel achter een antwoord te herkennen. Bij werkwoorden kijk je bijvoorbeeld naar het onderwerp en de tijd van de zin. Bij woordenschat gebruik je de betekenis van een woord en de context.

Spellingtoetsen richt zich op drie taalonderdelen. De site is bedoeld als aanvulling op de lessen; je oefent hier geen volledige doorstroomtoets met alle vakgebieden.

Voorbeelden: kijk verder dan hoe het klinkt

‘Het is gebeurd’ met een d

In het is gebeurd is gebeurd een voltooid deelwoord. De verleden tijd is gebeurde; het voltooid deelwoord eindigt op d. Vergelijk dat met het gebeurt nu: daar is gebeurt de persoonsvorm in de tegenwoordige tijd.

Wat betekent ‘aarzelen’?

Lees: Sam aarzelt bij de deur: zal hij naar binnen gaan of buiten blijven? De zin laat zien dat Sam nog twijfelt. Aarzelen betekent hier twijfelen of niet meteen beslissen.

Dit zijn uitlegvoorbeelden; het zijn geen officiële vragen uit een doorstroomtoets.

Gericht oefenen met feedback

Begin met een kennismakingstoets. Lees bij een fout antwoord de aanwijzing en probeer het opnieuw. Bij een goed antwoord zie je de bijbehorende uitleg. Gebruik je score na afloop om samen te bespreken wat al goed gaat en wat je nog wilt oefenen.

Twijfel je vaak over d, t of dt? Lees de uitleg over werkwoordspelling. Voor andere onderwerpen kun je het overzicht met uitleg gebruiken. Wil je op het niveau van groep 7 beginnen? Ga naar oefenen voor groep 7.

Probeer een gratis oefentoets

Deze kennismakingstoetsen kun je zonder account maken. Op de volgende pagina zie je hoeveel vragen de toets bevat en kun je beginnen.